| |
CDA |
PvdA |
SP |
VVD |
PVV |
GL |
CU |
D66 |
SGP |
TON |
PvdD |
| 1. |
Er moet in de komende regeerperiode een Deltawet energie komen die reductiedoelstellingen (5% per jaar) verplicht stelt maar niet-duurzame oplossingen ontmoedigt of zelfs uitsluit (kernenergie, niet-duurzame biomassa, ccs) » lees meer... |
Een wet uitvaardigen die je niet kunt handhaven, maakt de overheid ongeloofwaardig. Als blijkt dat je op 1 december nog onvoldoende hebt gereduceerd, kun je niet plotsklaps bij decreet 12 windmolens plaatsen. Wel kunnen we energieleveranciers, liefst in internationaal verband, op termijn verplichten tot leverantie van een oplopend percentage duurzame energie.
|
De PvdA staat pal achter het doel van een toekomst op basis van duurzame energie. Om dit te bereiken zal de PvdA onderzoeken, mede op basis van het rapport ‘Nederland Krijgt Nieuwe Energie’, of het mogelijk is, met andere partijen een duurzaamheidsakkoord te sluiten. Een Deltawet energie, als onderdeel daarvan, sluiten we hierbij niet uit.
|
De SP gaat zelfs verder. Er moet een klimaatwet komen die regels stelt aan het realiseren van energiebesparing, duurzame opwekking van energie en aan aanpassingen aan de veranderingen.
|
De komende decennia zal duurzame energie nog niet in staat zijn om in de volledige energiebehoefte te voorzien. Dat kan je wel in een Deltawet vastleggen, maar het moet ook praktisch haalbaar zijn. De VVD vindt ook dat we met ouderwetse biomassa en met CO2 opslag niets opschieten, maar kernenergie is onontbeerlijk omdat er anders te weinig energie is. Ook is een 5% doelstelling per jaar niet realistisch.
|
|
GroenLinks wil de uitstoot van broeikasgassen in de EU tegen 2020 met minimaal 40% terugbrengen. Dat lukt alleen als we lange termijnzekerheid bieden aan investeerders.
|
De ChristenUnie kiest voor een langjarige benadering van de omslag naar duurzame energie. Dat verbetert de investeringszekerheid en leidt tot het zetten van ferme stappen in verduurzaming, zoals het verwerken van toekomstige kosten in de prijs, betere en langjarige stimulering van duurzame energie en het stellen van een oplopend verplicht aandeel duurzaam.
|
D66 wil wel een Deltawet, maar deze moet gericht zijn op volledige hernieuwbare energie in 2050 en een reductiedoelstelling van 3% per jaar..
|
De SGP kiest voor een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor alle Nederlandse energieleveranciers en een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor grote energieverbruikers (industrie). Dat kan in een nieuwe Energiewet vastgelegd worden.
|
Zolang de wetenschappers het nog niet eens zijn over de oorzaken van eventuele temperatuurstijging wil TrotsopNederland terughoudend blijven met grote investeringen en gedwongen doelstellingen hebben zeker niet onze voorkeur.
De bouw van een of meer kerncentrales is goed voor de CO2 reductie, die technologie is beschikbaar en daar zijn wij voorstander van.
Windenergie kan niet kostendekkend worden zonder subsidie plus een achtervang van conventionele centrales. Zolang er geen rendabele mogelijkheden zijn wordt daar waar het TrotsopNederland betreft niet in geïnvesteerd.
Het stijgen van de olieprijs zet ondernemers aan tot inventieve en rendabele oplossingen zoals b.v. een getijdencentrale en de nieuwe generatie zonnecellen.
|
Om te voorkomen dat het beleid achterblijft bij de doelstellingen wil de Partij voor de Dieren dat jaarlijks bindende reductieverplichtingen worden vastgelegd in een klimaatwet. |
| 2. |
Energiebedrijven die in Nederland actief zijn moeten verplicht elk jaar 5% meer groene stroom produceren » lees meer... |
De energiemarkt is een internationale markt. De ervaring leert dat een productverplichting niet leidt tot meer duurzaam opgewekte energie. Het is namelijk niet te controleren. Het is effectiever om energieleveranciers, liefst in internationaal verband, te verplichten tot het leveren van een oplopend percentage duurzame energie.
|
De PvdA is voor een verplichtingensysteem, met als doel 35% duurzame elektriciteit in 2020
|
Bij een groei van het elektriciteitsverbruik met 2%/jaar (dat is de trend van de afgelopen decennia) moet het groeitempo voor groene stroom omhoog om de 2050 doelstelling voor CO2 reductie te kunnen halen.
|
Een verplichting van 5% toename van duurzame energie per jaar klinkt sympathiek, maar is niet realistisch.
|
|
GroenLinks maakt werk van duurzame energie. In 2020 moet minimaal 20% van onze energie uit groene bronnen komen.
|
De ChristenUnie wil energieleveranciers verplichten om een vast aandeel duurzame energie te leveren. Verder zet de ChristenUnie ook op Europees niveau in op een verplichting voor een aandeel duurzaam in energieopwekking.
|
Ter stimulering van hernieuwbare energie, dient er een wettelijke verplichting voor alle energieleveranciers in Nederland te komen om een toenemend minimum aandeel hernieuwbaar opgewekte elektriciteit in hun energiemix te hebben, met als targets: 10% in 2010, 15% in 2015, 30% in 2020, 95% in 2040 en 100% in 2050
|
De SGP kiest voor een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor alle Nederlandse energieleveranciers en een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor grote energieverbruikers (industrie). Dat brengt meer ‘schwung’ in de markt voor duurzame energie.
|
Dat percentage wordt nu gemiddeld al gehaald dus de voorgestelde dwang is niet zinvol.
Veel van de z.g.n. groene stroom in ons land komt rechtstreeks uit Franse kerncentrales.
De geplande bouw van kolencentrales in Nederland is fout, niet alleen wegens de vervuiling maar ook omdat deze centrales een groot deel van de opgewekte stroom willen exporteren.
Het uittrekken van 110 miljard euro voor windenergie klinkt mooi, maar de Engelsen zijn bijna bankroet en zullen vermoedelijk een streep halen door deze onrendabele plannen.
|
De Nederlandse energievoorziening moet per 2050 klimaatneutraal zijn. Energieleveranciers die op de Nederlandse markt willen opereren zullen elk jaar een oplopend percentage aan duurzame energieopwekking moeten realiseren. |
| 3. |
Er moet een CO2-tax ingevoerd worden die de prijs per ton CO2 stapsgewijs opvoert naar 100 euro per ton in 2020 (nu: 15 euro per ton) » lees meer... |
We hebben er nog niet zo lang geleden in Europa voor gekozen om CO2-uitstoot een prijs te geven door het systeem van emissiehandel. Als je daar nu plotseling andere belastingen bij bedenkt ben je als overheid onbetrouwbaar, ondermijn je dat systeem en ben je veel verder van (een klimaatneutraal) huis. Overigens lijkt het emissiehandelssysteem veel op een CO2-tax, want CO2 krijgt in beide systemen een prijs.
|
De PvdA is voorstander van een (duurzame) biomassa bij-/meestookverplichting, die zorgt effectiever voor meer groene stroom, een CO2-tax is alleen een laatste redmiddel omdat het als groot nadeel heeft dat het kolencentrales niet duurzamer maakt en mogelijk zelfs verplaatst naar andere landen.
|
Onze eerste voorkeur gaat uit naar een verbetering van het bestaande emissiehandelssysteem (ETS) van de Europese Unie. De huidige afspraken lopen af voor 2020, voor een volgende ronde zouden de emissieplafonds aangescherpt moeten worden en 100% veilen verplicht. Pas op het moment dat het niet mogelijk blijkt om op Europees niveau betere afspraken te maken zouden aanvullende nationale maatregelen in beeld komen.
|
De VVD is voorstander van het beprijzen van CO2. Dit gebeurt ook via het Emission Trading System. Dit systeem moet worden opgebouwd tot een benchmarksysteem zonder uitzonderingsbepalingen. Daardoor zal de CO2-prijs gaan stijgen en het systeem gaan werken. Om daarnaast nog eens extra belastingen te gaan heffen ondermijnt juist het Europese ETS systeem.
|
|
GroenLinks pleit voor een minimumprijs in de Europese emissiehandel en voor een belasting op kolen. Zo stimuleren we investeringen in energiebesparing en groene energie.
|
De ChristenUnie kiest voor een stijgende heffing op niet-duurzame stroom, zodat ook toekomstige kosten in de prijs worden verwerkt. Tegelijkertijd moet op Europees niveau gezorgd worden voor het creëren van schaarste in emissierechten, zodat deze duurder worden.
|
D66 wil wel een verhoging van de kolenbelasting, maar in eerste instantie zal geprobeerd moeten worden deze op Europees niveau in te stellen om een ‘level playing field’ te garanderen. Anders jagen we kolencentrales alleen de grens over en wordt het probleem alleen verplaatst in plaats van opgelost.
|
De SGP kiest voor aanscherping van het Europese CO2-emissiehandelssysteem en voor een oplopend verplicht percentage duurzame energie, waarmee stroom en gas al duurder worden gemaakt. Grondstoffenbelasting voor uranium is een goede suggestie.
|
geen antwoord
|
De Partij voor de Dieren wil dat Nederland een flexibele CO2-taks invoert die lager wordt naarmate de Europese prijs voor CO2-emissierechten hoger wordt. De belasting op grijze stroom wordt hoger dan de belasting op groene stroom, en het degressieve systeem van energiebelasting wordt afgeschaft.
|
| 4. |
Er moet een volwaardig feed-in systeem voor alle vormen van duurzame energie worden ingevoerd » lees meer... |
Maar dit is wel heel kort door de bocht. Gesubsidieerde duurzame energie moet wel passen in het energie-transitiebeleid van Nederland. Dat wil zeggen, het moet technieken betreffen met kansen voor Nederland en er moet een voortdurende prikkel tot innovatie en rendementsverbetering in zitten.
|
De PvdA is niet principieel tegen een feed-in tarief maar vindt een verplichtingensysteem effectiever.
|
De SP is voorstander voor een feedin-tarief voor perspectiefrijke duurzame energietechnieken, waarvan de kostprijs nog relatief ver verwijderd is van de marktprijs. Wij willen dat combineren met een oplopend verplicht aandeel duurzame energie voor de Nederlandse energieleveranciers.
|
Het feed-in systeem is feitelijk een subsidiëringsysteem. De VVD wil via het Emission Trading System komen tot een goede CO2-beprijzing en op die manier duurzame energie bevorderen. Een feed-in subsidiesysteem is echter een ondermijning van het Europese ETS systeem.
|
|
De subsidiepotjes voor particulieren zijn nu om de haverklap leeg. Bovendien is het huidige subsidiestelsel onnodig bureaucratisch. Daar moet snel verandering in komen.
|
De aantrekkelijkheid van duurzame investeringen wordt verhoogd door zekerheid in terugleververgoedingen te bieden voor de feitelijke levensduur van het duurzame project. Om het financieel beheersbaar te houden worden per duurzame optie grenzen gesteld aan de op te voeren maximale productiekosten en onacceptabele winst wordt afgeroomd.
|
Ja.
|
De SGP kiest voor een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor alle Nederlandse energieleveranciers en een oplopend verplicht percentage duurzame energie voor grote energieverbruikers (industrie) in combinatie met beperkte subsidiering van duurzame energieproductie. Volwaardig feed-in systeem is dan niet nodig.
|
geen antwoord
|
Het subsidiebeleid op duurzame energie wordt herzien, er komt een stabiel en betrouwbaar systeem gericht op het vergoten van de productie van decentrale duurzame energie, met een feed-in tarief voor duurzame energie, zoals in Duitsland ook toegepast wordt. |
| 5. |
Er komt een heffing op vlees. Bijvoorbeeld een verhoging van het btw-tarief van 6 naar 19 procent » lees meer... |
Het invoeren van nieuwe belastingen moet alleen worden overwogen als deze duidelijke milieu- en dierenwelzijnseffecten hebben. Ook moeten ze tegen lage administratieve lasten en uitvoeringskosten zijn in te voeren. Het CDA vindt investeren in duurzame voedselproductie en voorlichting beter dan het beperken van de keuzevrijheid.
|
De PvdA wil het dierenwelzijn in algemene zin verbeteren. Het drastisch verhogen van de belastingen op vlees is wat ons betreft daartoe niet het juist middel, omdat dit onevenredig de lagere inkomens raakt.
|
De SP is voorstander van het aanscherpen van de milieu- en dierenwelzijneisen, onder meer in de vorm van grondgebonden veeteelt met een hoog aandeel regionaal geproduceerd veevoer. De kosten van die maatregelen dienen geïnternaliseerd te worden in de prijs. Dat is effectiever dan het verhogen van de BTW op vlees.
|
Het klinkt sympathiek, maar zal mensen doen uitwijken naar nog goedkoper, dus dieronvriendelijk geproduceerd vlees. Je kunt het als Nederland niet alleen doen omdat de BTW een Europees systeem is.
|
|
Het is belangrijk dat we met z’n allen wat minder vlees gaan eten. GroenLinks pleit voor een BTW-verhoging op vlees en voor investeringen in alternatieven, zoals smakelijke vleesvervangers. |
Milieukosten moeten zoveel mogelijk tot uitdrukking komen in de prijzen van producten. Producten en diensten die een relatief grote ‘ecologische voetafdruk’ hebben worden ondergebracht in het hoge BTW-tarief, waaronder vlees.
|
D66 vindt dat de huidige prijzen voor vlees geen reëel beeld geven van de kosten. Door het verhogen van het BTW-tarief op vlees van 6 naar 19 procent ontstaat deels internalisatie van de kosten. Iedereen moet zelf weten of zij wel of niet vlees wil eten, zolang voor de daadwerkelijke kosten betaald wordt.
|
Vlees blijft een primaire levensbehoefte, ook voor gezinnen met lage inkomens. Verhoging van de BTW is de SGP te generiek. Met de SGP valt te praten over een heffing op vlees, maar dan moeten de baten op z’n minst terugvloeien naar de veehouders die willen investeren in dierenwelzijn en milieu.
|
Een heffing op vlees lost niets op, het is symptoombestrijding die ten gevolge heeft dat niet draagkrachtigen minder vlees eten.
De stelling dat natuurgebieden worden ongezet in weideland gaat wereldwijd op, maar binnen ons land is het omgekeerde het geval.
Het propageren van gedragsverandering is altijd goed, maar als Nederland weer voor de muziek uit te lopen is niet de juiste weg.
|
De Partij voor de Dieren wil een accijns op vlees van € 2 per kilo, zodat de werkelijke kosten van productie ook tot uiting komen in de kostprijs van het product. Het verlaagde BTW-tarief voor dierlijke eiwitten wordt bovendien afgeschaft. |
| 6. |
Er moet geen nieuwe kerncentrale(s) gebouwd worden. Mochten hier vanuit de markt initiatieven toe worden genomen dan moeten hier zeer stringente eisen aan gesteld worden. » lees meer... |
Om ook in de toekomst voldoende energie te hebben volgt het CDA de lijn van energietransitie: besparing, duurzame energie, kernenergie en fossiele energie met CO2-afvang en -opslag. Juist uit het oogpunt van de betaalbaarheid en de voorzieningszekerheid, en vanwege het ontbreken van CO2-uitstoot, blijft kernenergie nodig in Nederland. Het CDA bepleit ruimte om nieuwe kerncentrales te bouwen wanneer energiebedrijven hierin willen investeren en er draagvlak is in de regio. Hierbij geldt dat de vervuiler betaalt, dus ook voor afvalopslag en ontmanteling. Veiligheid blijft een permanent punt van aandacht.
|
Kernenergie is een onbeholpen manier van energieproductie. We moeten vol inzetten op écht duurzame energie.
|
Wat de SP betreft zetten we in de komende regeerperiode in op meer duurzame oplossingen zoals energiebesparing en wind, zon en waterkracht, aangevuld met efficiënt fossiel, bijvoorbeeld door verplicht nuttig gebruik van restwarmte. Maar gelet op de noodzaak van leveringzekerheid en de geopolitieke kanten van onze energievraag moeten we gedurende de transitieperiode geen enkele techniek op voorhand uitsluiten.
|
Kernenergie is onontbeerlijk voor de energiezekerheid.Duurzame energie zal de komende decennia helaas nog niet in staat zijn volledig te voorzien in de energiebehoefte. Daarom is o.a. kernenergie nodig in de tussenfase.
|
|
GroenLinks is tegen de bouw van nieuwe kerncentrales in Nederland. De kerncentrale in Borssele moet zo snel mogelijk gesloten worden.
|
De ChristenUnie wil geen nieuwe kerncentrales, zolang er geen duurzame en betrouwbare oplossing is gevonden voor de problemen van veiligheid en afval.
|
Nieuwe kerncentrales komen alleen in beeld als optie nadat Nederland tot het uiterste is gegaan in energiebesparing en hernieuwbare energiebronnen niet of onvoldoende in de resterende energievraag kunnen voorzien. De kosten voor de beveiliging, de verzekering van risico’s voor de samenleving evenals de kosten voor het transport, verwerking en opslag van nucleair afval dienen volledig door de exploitant gedragen te worden.
|
Op korte termijn is het niet mogelijk om al onze energie uit wind, biomassa en zon te halen. Om de afhankelijkheid van instabiele olie- en gasleverende landen te beperken en onze CO2-uitstoot te verminderen, is een nieuwe kerncentrale een noodzakelijke tussenoplossing. Liever een nieuwe kerncentrale dan een nieuwe kolencentrale.
|
"Trots op Nederland is voorstander van de bouw van nieuwe kerncentrales als betrouwbare en CO² vriendelijke energieopwekkers"
|
Er komen geen nieuwe kerncentrales in Nederland. De opwekking van kernenergie levert radioactief afval op dat tienduizenden jaren gevaarlijk blijft. Daarbij is het delven en verrijken van uranium, de grondstof voor kernenergie, zeer vervuilend, en ten slotte is uranium ook een eindige grondstof. |
| 7. |
Met ingang van 1 januari 2012 moet alle nieuwbouw wettelijk verplicht energieleverend zijn » lees meer... |
Onder de vorige minister van milieu is met de bouwsector afgesproken dat in 2020 alle nieuwbouw energieneutraal is. Het is niet haalbaar om de afspraak met 8 jaar te vervroegen. De sector is er nog niet klaar voor, de materialen zijn nog niet op een dergelijke schaal leverbaar of alleen tegen te hoge kosten. Juist door het vervroegen van de ambitie laat je veel kansen die op termijn wel mogelijk zijn liggen.
|
Dat klinkt mooi maar is niet realistisch, wel moet zowel in nieuwbouw als in de bestaande bouw, duurzaam lokaal opgewekte energie blijvend worden gesteund en steeds strenger wordende eisen worden gesteld op gebied van energie-efficiency.
|
Wij zijn sterk voorstander van energiebesparing en zelfopwekking van energie voor woning- en utiliteitsbouw. De datum van 1-1-2012 en energieleverend in plaats van energieneutraal zijn echter irreëel.
De SP heeft de afgelopen vier jaar meer dan 15 voorstellen gedaan voor reële, op korte termijn te realiseren verbeteringen in het Bouwbesluit en flankerend beleid, om het fossiele energieverbruik van de gebouwde omgeving terug te dringen, zoals: aanscherping isolatie-eisen gebouwschil, nieuwbouw optimaal voorbereid op zonne-energie, stimulering vrijwillige verenigingen van eigenaren laagbouw tbv energiebesparing.
|
geen antwoord
|
|
GroenLinks wil dat alle nieuwbouw zo snel mogelijk - uiterlijk binnen vijf jaar - energieneutraal of energieleverend wordt.
|
De ChristenUnie wil dat nieuwbouw verplicht energieleverend wordt, niet vanaf 2012, maar vanaf 2015. Op weg naar 2015 worden duurzaamheidnormen scherper en toepassing van duurzaam bouwen minder vrijblijvend.
|
D66 is voorstander van decentrale opwekking. Energiebesparingsmaatregelen verdienen zichzelf snel terug, vaak zonder subsidies. Strenge normen voor nieuwbouw zijn nodig, maar het wettelijk verplicht stellen van energielevering gaat vooralsnog te ver.
|
De SGP wil de normen voor nieuwbouw (woningen en kantoren) geleidelijk aanscherpen richting energieneutraliteit, maar 2012 is te snel.
|
De bouwsector functioneert erg slecht en huizen worden onbetaalbaar.
Een dergelijke eis per 1/1/2012 zou de prijs van nieuwbouw verder opdrijven met als gevolg instorting van de nieuwbouwsector.
Energieprijzen zullen de consument overhalen energiezuinig te bouwen, ook hier is dwang geen juist middel en helemaal niet in een economische crisis.
Het lijkt zinvoller een evenwicht te zoeken tussen idealisme en haalbaarheid.
|
Het netto energieverbruik van nieuwbouwwoningen wordt in 10 jaar tot nul terug gebracht. Vanaf 2020 worden uitsluitend energieneutrale en energiepositieve woningen gebouwd. In 2012 is hier al een grote stap in gemaakt. |
| 8. |
Mobiliteit in het algemeen en niet-duurzame mobiliteit in het bijzonder wordt ontmoedigd. Uit de vele mogelijke maatregelen (zie toelichting) kiezen we er in elk geval drie » lees meer... |
Het CDA vindt bereikbaarheid een basisvoorziening. Daarbij wil het CDA schoner rijden en duurzame mobiliteit stimuleren. Daarnaast willen we de kwaliteit, toegankelijkheid en betrouwbaarheid van het openbaar vervoer bevorderen. We zetten ons hierbij in voor het principe “de gebruiker betaalt”. Het huidige voorstel voor de kilometerheffing is echter te complex. In de komende periode moet een beter voorstel uitgewerkt worden.
|
De PvdA is voorstander van een km-heffing naar plaats, tijd en milieuaspecten. Platte accijnsverhoging kan dat niet bewerkstellingen en geeft bovendien ongewenste effecten aan de grens.
|
De SP is voor een verschuiving van belasting op bezit naar belasting op gebruik. We stellen daarbij de randvoorwaarden dat het geen spitsheffing mag worden, de techniek eenvoudig blijft en de privacy van de autogebruiker gerespecteerd wordt. De filebelasting van minister Eurlings voldeed niet aan die criteria, omzetting van motorrijtuigbelasting naar accijnzen volgens ons wel.
|
Mobiliteit houd je niet tegen. Wel is de VVD voor het stimuleren van de elektrische auto en voor het verbeteren van het openbaar vervoer, denk aan verdubbeling van spoor in de Randstad
|
|
GroenLinks pleit voor een snelle invoering van de kilometerheffing. We bezuinigen op asfalt en investeren in alternatieven voor de auto en vrachtauto.
|
Onnodige en niet-duurzame mobiliteit moet worden ontmoedigd. Kilometerbeprijzing zorgt voor het belasten van gebruik, niet van bezit. De automobilist wordt gestimuleerd om bewuste keuzes te maken. Kilometerheffing wordt gedifferentieerd naar tijd, plaats en milieukenmerken.
|
D66 is voorstander van een kilometerheffing waarmee de privacy niet in het geding komt. Mensen moeten meer gaan betalen voor het gebruik van een auto, en minder voor het bezit ervan. Dit sluit aan bij het principe ‘de vervuiler betaalt’.
|
De SGP is voorstander van kilometerbeprijzing. Daarnaast wil de SGP openbaar vervoer en fietsgebruik stimuleren door hier extra geld voor uit te trekken.
|
Mobiliteit = vrijheid en een recht voor iedereen.
TrotsopNederland wil de accijnzen verlagen en autorijden betaalbaar houden voor iedereen.
Het ontwikkelen van schone motoren en alternatieve brandstoffen moet gestimuleerd worden als alternatief.
|
De Partij voor de Dieren is voor toepassing van het principe van ‘de vervuiler betaalt’ in vervoersbelastingen, waarbij de privacy gewaarborgd moet zijn. Het openbaar vervoer moet hoge prioriteit krijgen. Er komt een accijns op kerosine voor vliegtuigen. |
| 9. |
Implementeer strengere energienormen voor duurzame gebruiksgoederen » lees meer... |
Voor de meeste producten geldt dat de normen in Europees verband worden vastgesteld, vanwege de interne markt. Nationaal hebben we helaas maar beperkt de mogelijkheid om strengere eisen te stellen. Toenmalig staatssecretaris Van Geel (CDA) van Milieu heeft bijvoorbeeld geprobeerd de roetfilter op nieuwe auto’s verplicht te stellen. Dat mocht niet van de Europese Commissie.
|
Dit is een effectief middel maar vanwege de interne markt, alleen als het in Europees verband wordt gerealiseerd, daarom zetten we ons daar in Europa al jaren voor in.
|
De SP is altijd voor een progressief label (toprunner-model) geweest waarbij de norm automatisch meebeweegt met de technische ontwikkeling. Bij iedere verschuiving wordt de verkoop van apparaten in de laagste labelklasse van de vorige fase verboden.
|
Het loont zeker als het om Europese normen gaat.
|
|
GroenLinks pleit voor aanscherping van de energielabels en voor een korting op de energiezuinigste apparaten.
|
Dit is een goede methode om apparatuur energiezuiniger te maken. Wel zullen afspraken hierover op Europees niveau gemaakt moeten worden.
|
D66 wil bedrijven stimuleren om te gaan werken volgens de duurzaamheidnorm. D66 wil transparante productinformatie voor de consument verplicht stellen. Hierbij wordt gekeken naar milieueffecten over de hele levenscyclus in relatie tot de geleverde functionaliteit. D66 pleit voor Europees beleid ten aanzien van schone technologie en het verduurzamen van producten en productieprocessen, uitgaande van de gehele keten.
|
De SGP vindt dat zoveel mogelijk aangesloten moet worden bij Europese richtlijnen voor 'ecodesign'.
|
De stelling is goed en zou met een ja beantwoord zijn als er geen fiscale voordelen en dus subsidies en concurrentievervalsing was voorgesteld.
De consument kan zelf beslissen, dus moet de oplossing in goede voorlichting gezocht worden.
|
De overheid stelt kaders waarbinnen verantwoord geproduceerd en geconsumeerd kan worden. Er worden normen gesteld ten aanzien van het energieverbruik van huizen, vervoersmiddelen, huishoudelijke apparaten en consumptiegoederen. |
| 10. |
Vergroen het belastingstelsel consequent en in de volle breedte » lees meer... |
Het CDA is voorstander van minder belastingheffing op arbeid en winst, en juist meer op consumptie en milieuvervuilende. Door de vergroening van het belastingstelsel kunnen de maatschappelijke kosten van milieuvervuilend gedrag worden meegenomen in de prijzen. Het maakt mensen bewuster bij het maken van keuzes en draagt bij aan een duurzame leefomgeving.
|
Vergroening van het belastingstelsel is één van de manieren om duurzame productie en consumptie te bevorderen en moet dus verder worden doorgevoerd en inderdaad in samenhang met het verlagen van loonbelasting (voor de lagere inkomens)
|
Bij vergroening moet naast het uitgangspunt ‘de vervuiler betaalt’ ook het principe dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen in ere gehouden worden. De huidige opbouw van de energiebelasting staat daar juist haaks op, omdat de grootverbruikers vrijwel niets betalen.
|
De gedachte is begrijpelijk en goed dat van een budgetneutraal systeem wordt uit gegaan. Het zal echter moeilijk
uitvoerbaar zijn, zolang je twee systemen naast elkaar hebt. Dat belast letterlijk en figuurlijk de burger en zorgt ook voor de overheid voor extra werk.
|
|
De vervuiler moet betalen en de groene ondernemer moet beloond worden. GroenLinks wil daarom het belastingstelsel consequent vergroenen.
|
Milieukosten moeten zoveel mogelijk tot uitdrukking komen in de prijzen van producten. De belastingvergroening wordt daarom op een voortvarende en realistische wijze voortgezet, waarbij de overheid niet alleen milieuonvriendelijk gedrag ontmoedigt, maar ook milieuvriendelijk gedrag stimuleert.
|
Het vergroenen van het belastingstelsel op een rijksbegrotingneutrale wijze kan volgens D66 ook op een manier zonder dat achteraf weer dividend uitgekeerd moet worden. Lage inkomens worden tegemoetgekomen door verlaging van de tarieven in de onderste twee belastingschijven.
|
De SGP is voor verdere vergroening van het belastingstelsel, bijvoorbeeld door heffing op vuurwerk. Bij consequente vergroening en vergroening in de volle breedte voorziet de SGP teveel bureaucratie en strijdigheid met andere belangen.
|
Trots op Nederland wil naar een vlaktax. Een eenvoudig en goedkoper systeem van belastingheffing waar iedere burger financieel beter van wordt.
Dit voorstel staat daar haaks op
Verder verwijzen wij naar het antwoord op vraag een betreffende de wetenschap.
Mensen bewust maken verdient de voorkeur boven fiscale dwang en bureaucratie.
|
Het belastingsstelsel wordt vergaand vergroend. Alle subsidies die de overheid verstrekt, zullen opnieuw moeten worden bezien met het oog op de effecten op milieu en klimaat. Subsidies die niet-duurzaam gedrag in de hand werken worden afgeschaft. Deze veranderingen zullen een verschil in koopkracht met zich meebrengen. Dit verschil moet gecompenseerd worden door arbeid minder te gaan belasten. |
| 11. |
Invoering van een verplicht energielabel B voor de bestaande bouw » lees meer... |
Eigen woningbezit is belangrijk voor de economie van Nederland. In de prijs van een woning wordt het energieverbruik een steeds grotere factor. Energiezuinige huizen zullen in de toekomst gewilder zijn. Door het invoeren van een verplicht label B voor bestaande woningen zullen veel woningen onverkoopbaar worden, met grote financiële gevolgen voor de eigenaars. Alleen door middel van een geleidelijke aanpak is de noodzakelijke investering te behappen.
|
Dit gaat een onrealistisch stap te ver. Verplichtende maatregelen zijn absoluut nodig, maar wel in geleidelijke realistische stappen.
|
In de bebouwde omgeving is ook veel energie te besparen. Door grote verhuurders te verplichten tot het nemen van alle maatregelen die over de levensduur rendabel zijn versnellen we het realiseren van die besparing. Daarnaast levert het voor de huurder -op termijn- een besparing in de woonlasten op.
|
Op dit moment is het al via een totaalpakket mogelijk om zo'n 30% energiebesparing in de bestaande woningen en gebouwen te realiseren. Dit kan voor de consument budgetneutraal en duurzaam in de zin van zonder subsidies gerealiseerd worden! De VVD zit op de lijn dat consumenten een aanbod moet worden gedaan dat ze niet kunnen en willen weigeren in plaats van verplichtingen. Dat vrijwillige
maatregelen nu niet altijd goed werken is niet vreemd met een verkeerd opgezet energielabel dat niet werkt en versnipperde subsidieregelingen waarvan het effect onduidelijk is.
|
|
GroenLinks pleit ervoor om investeringen in huizenisolatie aftrekbaar te maken voor de belasting. Op termijn moet het energielabel B ook verplicht worden.
|
De ChristenUnie wil werk maken van het duurzamer en energiezuiniger maken van de
woningvoorraad. Dit is goed de portemonnee van de bewoners en mogelijk ook voor het klimaat. Doel is minimaal 30 procent energiereductie in 2020 in de bestaande woningen en vanaf 2015 energieneutraal bouwen in de nieuwbouw. De toepassing van duurzame bouwmaterialen en duurzaam bouwen wordt minder vrijblijvend.
|
Deze verplichting geldt voor D66 in de koopsector wanneer men een huis koopt. De maatregelen die dan genomen moeten worden moeten zo uitgevoerd worden dat binnen 7 jaar de investering terugverdiend kan worden. In de sociale huursector wil D66 de corporaties verplichten om voor 2020 de woningen met de laagste energielabels met drie labelklassen te verbeteren.
|
De SGP is ervoor om energiebesparing een meer verplichtend karakter te geven. De SGP wil echter geen 'groene dictatuur'. De financiering van goedkope en eenvoudige leningen moet eerst op orde zijn, voordat een bepaald energielabel verplicht wordt gesteld.
|
Huiseigenaren en huurders worden zo op enorme kosten gejaagd in een tijd dat de besteedbare inkomens zwaar onder druk staan.
Het voorstel past niet in de vrije samenleving van weldenkende mensen die ons voor ogen staat en leidt tot een enorm duur en bureaucratisch controleapparaat.
|
De Partij voor de Dieren wil het tempo van energierenovaties in bestaande bouw opvoeren naar 4% per jaar. Alle bestaande woningen moeten zijn gerenoveerd in 2030. |